Verzorging van de baardagaam

 

 




Tegenwoordig worden er heel wat reptielen als huisdier gehouden en in alle dierenspeciaalzaken is er dan ook een zeer ruim aanbod van verschillende soorten reptielen. Niet alle reptielen zijn echter even gemakkelijk te houden. In dit artikel zal ik een beschrijving geven van een relatief gemakkelijk te houden soort namelijk de Baardagame of Pogona vitticeps.
 
 
Baardagamen zijn middelmatig grote hagedissen (tot 58 cm) die gemakkelijk te herkennen zijn door hun stekels of baard rond de keel die ze opzetten bij bedreiging. Ze zijn bruin tot goudgeel gekleurd.         
Bij het houden van reptielen is het belangrijk om hun natuurlijke omgeving zo goed mogelijk na te bootsen.
  • Deze dagactieve hagedissen komen uit het (semi-)woestijngebied van Australië. Voor een paartje gebruiken we een terrarium van 150-60-45 cm, met als bodembedekking stofvrij zand of leemzand, we gebruiken wijnstokken en kurkschors als schuilplaatsen en enkele rotsen om op te zonnen.
  • Een keer per dag, best ’s morgens, sproeien we een klein beetje voor de vochtigheidgraad te verhogen.
  • Eén keer per maand zetten we ze in een badje van 25°C om de spijsvertering en vervelling te bevorderen.
  • De normale relatieve vochtigheid overdag in het terrarium is 30-40 %, ’s nachts stijgt dit tot 60%.
  • Om het terrarium te verlichten kunnen TL lampen met een hoge UVB opbrengst gebruikt worden, als verwarming gebruiken we spotlampen die het terrarium verwarmen onder de spot tot 43 °C en 28°C op de koelste zijde.
  • ’s Nachts laten we de temperatuur zakken tot 21-24°C.
  • Momenteel zijn er ook zeer goed combinatielampen op de markt die licht, warmte en UV licht geven. In de zomer laten we de verlichting 14 uur branden, dit verminderen we tot 9 uur in de winterperiode. Een echte winterslaap geven we deze dieren zeker niet, maar in Australië zijn de winters iets frisser dan de zomer. Om hen dus zo natuurgetrouw mogelijk te huisvesten zullen we onze hagedisjes een 8 tal weken iets frisser houden: 17-18°C aan de koele zijde, 24-25°C op de warmste plek en ’s nachts 15°C.
  • Ze zullen in die koelere periode minder eten. Belangrijk bij elk reptiel is wel dat we voor de winterrust of winterslaap zeker zijn dat het dier in goede gezondheid is, omdat een ziek dier dat we in winterrust of slaap laten gaan zeer vatbaar is voor ziektes.
 
 
Baardagamen eten tot 50% plantaardig voedsel en dit aandeel wordt nog belangrijker naarmate ze ouder worden.
  • Pasgeboren dieren eten tot 3 keer per dag, iets oudere dieren een keer per dag en volwassen dieren geven we 4 tot 5 keer eten per week.
  • Allerlei insecten kunnen gegeven worden zoals krekels, sprinkhanen, kakkerlakken, wasmotlarven en meelwormen.
  • Niet te vaak wasmotlarven en meelwormen geven omdat ze daar te vet van kunnen worden.
  • Als plantaardig voedsel kunnen allerlei onkruiden zoals paardebloemen gegeven worden, en ook verschillende groenten zoals andijvie, courgette en pompoen.
  • Omdat groenten en insecten arm zijn aan Ca bepoederen we de insecten met een mineralen en vitaminen supplement.
  • Als Ca supplement kunnen we ook stukjes sepia geven.
  • Volwassen baardagamen eten minstens 25 krekels per week.
  • Water geven we via een klein kommetje dat we dagelijks verversen.
 
 
Vanaf een leeftijd van 2 jaar kunnen we proberen met baardagamen te kweken.
  • Het mannetje is te herkennen aan de grotere kop, een bredere en dikkere staart en aan de poriën op de dijen en rond de anus.
  • De paring heeft vaakst plaats na de winterrust.
  • 45 tot 60 dagen na de paring worden tot 30 eieren afgezet.
  • Na de paring verwijderen we het mannetje zodat het vrouwtje rustiger is.
  • Een vaak voorkomend probleem is dat het vrouwtje de eieren niet wil afzetten (legnood). Eerst en vooral moeten we zorgen voor een geschikte afzetplaats: een kleine bak gevuld met vochtige vermiculiet in een rustig hoekje van het terrarium. Indien dit niet helpt en het dier stopt met eten is het belangrijk dat we ermee naar de dierenarts gaan voor een hormoneninjectie vooraleer het dier te erg verzwakt is.
  • Incubatie van de eieren gebeurt in vochtige vermiculiet bij 26-29°C en bij een RV van 95%. Bij lagere temperatuur kippen er voornamelijk vrouwtjes, bij hogere vnl. mannetjes uit.
 
 
Naast legnood zijn er nog enkele vaak voorkomende ziekteproblemen bij baardagamen namelijk vervellingsproblemen en parasitaire infecties.
  • Bij vervellingsproblemen is het voornamelijk rond de staart en de teentjes dat er oude vervellingsresten blijven zitten. We kunnen deze verwijderen door het dier te weken in lauw water en nadien heel voorzichtig de oude huid los te trekken of door vaseline op de resten te smeren.
  • Een eveneens vaak voorkomend probleem is diarree door een parasitaire infectie. Als je dit opmerkt is het belangrijk om snel naar de dierenarts te gaan die de mest onderzoekt en de juiste medicatie kan meegeven. We kunnen dit voorkomen door eenmaal per jaar onze hagedis te laten onderzoeken door een dierenarts gespecialiseerd in reptielen.
 
Auteur: Dierenarts Dieter Everaert